Drie flesjes

Peter is beroepsmilitair en heeft drie zoons. Hij heeft ze slechts een paar keer een flesje afgekolfde melk gegeven, maar ziet dat niet als een ‘gemis’ in zijn vaderlijke taken. Vaderschap behelst namelijk véél meer dan het geven van flesjes alleen.

 

Drie flesjes. Veel verder kom ik niet als ik de flesjes ga tellen die ik aan mijn kinderen heb gegeven. Als drievoudig vader van louter jongens heb ik maar drie keer mogen prutsen met een flesje afgekolfde melk. Zoon nummer één was goed voor twee pogingen; zoon nummer twee voor slechts eentje en bij zoon nummer drie kwam ik wat voeden betreft pas aan de beurt toen hij aan vast voedsel toe was. Heb ik daarmee kostbare babytijd gemist van mijn kinderen? Absoluut niet. Ik kan alleen maar pleiten voor de meerwaarde die borstvoeding met zich meebrengt, en dan heb ik het niet over al het goede dat in moedermelk zit. In het vaderschap zit namelijk véél meer dan in een flesje.

Ons gezin
Een kleine schets van ons gezin: ik ben beroepsmilitair en mijn vrouw heeft sinds de geboorte van ons eerste kind geen betaalde baan meer gehad (maar werkt zich wel een slag in de rondte met allerhande vrijwilligerswerk!). Op dat punt zijn wij, denk ik, fortuinlijk. Het klinkt misschien wat ouderwets: papa werkt en mama is thuis, maar het heeft onze kinderen wel een hele stabiele basis gegeven en die laat zich niet uitdrukken in geld.
 
Frustrerende flesjes
Al onze jongens hebben een slordige vijftien maanden borstvoeding gehad. Alle drie stopten ze rond die leeftijd zelf met het drinken aan de borst. De drie flesjes die ik heb mogen geven waren alle drie frustrerend, onze jongens wisten gewoon beter! Als ik dan ervaringen van collega’s hoor over hoe leuk dat flesje is en hoe gebroken de nachten, dan merk ik wel dat dat ene flesje heel divers wordt ervaren. Ik durf te zeggen dat borstvoeding onze nachtrust heeft gered! Was het in het begin nog een gezamenlijke inspanning, hoe meer ervaren wij werden, hoe soepeler onze nachten verliepen. Samen hebben we wel wat obstakels moeten overwinnen en dankzij mijn ervaringen kan ik tegen aspirant-vaders alleen maar zeggen: steun je vrouw en zoek de juiste hulp bij vragen over borstvoeding!
 
Alle begin is moeilijk
Als beginnende ouders hebben wij destijds met onze eerste zoon wel wat te bespreken gehad. De bevalling op zich was voorbeeldig. Thuis geboren in een verrassend snelle tijd, goede APGAR-score en noem maar op. De babykamer was al af en zoon nummer één landde in een gespreid bedje. We hebben heel wat afgerommeld met die eerste luiers en het navelklemmetje. Doet dat geen pijn? Zit ‘ie niet te strak? Allemaal vragen die elk vers ouderpaar zichzelf ongetwijfeld zal stellen. Wat tegenviel was de melkproductie, die kwam niet direct snel op gang. Dat beetje wat er wel uit kwam leek ons niet veel al bleek dat achteraf heel normaal te zijn, en het ontbreken van maatstreepjes op de borst is ook een gruwel ‘als je het niet beter weet’.
 
Afvallen
Onze oudste was ruim twee weken ‘te vroeg’ geboren; een trend die de andere twee overigens ook volgden, en door zijn lage gewicht werden er wel adviezen gegeven om hem niet te veel af te laten vallen in die eerste periode. Uiteindelijk ging die tien procent er echt wel vanaf, voordat hij weer ging groeien. En die periode van het dalende gewicht was, denk ik, de test waar ik misschien wel gezakt ben voor het stukje ‘steun je vrouw’. Ik mag mezelf gelukkig prijzen met een standvastige echtgenote die met een flinke portie doorzettingsvermogen tóch is doorgegaan waar ik waarschijnlijk zou zijn gestopt. Ik heb meerdere malen op eigen initiatief in de startblokken gestaan om bij de supermarkt een blik melkpoeder te halen. Ze wilde er niets van weten…
 
Lactatiekundige
Ik kan me niet meer herinneren wanneer we ten einde raad een lactatiekundige hebben gebeld, maar dat huisbezoek hadden we eerder moeten regelen. Een paar tips en trucs en de melk begon te stromen, onze baby begon goed te drinken en we hebben een klein feestje gevierd toen hij weer op zijn geboortegewicht zat.
 
Nachtvoedingen
In de daaropvolgende weken verliep het voeden steeds gemakkelijker waardoor we in een draaglijk ritme kwamen en zelfs een nachtvoedingsritueel ontwikkelden. Mijn vrouw werd wakker van onze zoon, gaf mij een klap op m’n hoofd waarna ik naar het wiegje waggelde, hem uit z’n bedje schepte en bij zijn moeder aan de borst legde. Vervolgens ging ik liggen en sliep vrolijk verder, totdat ik wéér een klap op m’n kop kreeg om hem weer in z’n eigen bed te leggen. Schoon luiertje aan en iedereen sliep weer verder. Als militair ben ik in staat om overal, op de gekste plekken en tijdstippen, mijzelf uit te schakelen om toch nog wat minuten slaap te pakken, tot ik weer ergens nodig ben.

Voor mijn vrouw was deze modus operandi het ultieme ritueel, want zolang zij het bed niet uit hoefde kon zij ná haar nachtelijke verplichtingen ook direct weer verder slapen, voor zover ze al echt wakker werd van die nachtvoeding. Eén blote voet op het koude laminaat stond voor haar gelijk aan minimaal een uur wakker liggen. Effectief was ik op die manier per nacht hooguit tien tot vijftien minuten wakker en als ik haar mag geloven gingen die nachtvoedingen dusdanig op de automatische piloot dat ook zij er niet aan onderdoor ging.

Romantiek
Om terug te komen op de verhalen van collega’s; de romantiek van het flesje bij het maanlicht is aan mij voorbij gegaan, maar wat is er romantisch aan om in het holst van de nacht met maatschepjes en magnetrons in de weer te zijn? En als we overdag een uitstapje maakten hadden we ook niet de logistieke nachtmerrie om een keuken te vinden waar we een flesje konden samenstellen of opwarmen. Nu zou de kritische en geëmancipeerde lezer kunnen zeggen dat we onszelf extreem verplicht hebben om moeder en kind nooit langer dan twee à drie uur van elkaar gescheiden te laten zijn. Daar zit een kern van waarheid in, maar dat wil ik terugleggen op onze keuze die wij samen gemaakt hebben. Wij zijn er van overtuigd dat dit het beste is geweest voor onze kinderen en ook papa is aan bod gekomen in de opvoeding van de kinderen.
 
Vadermomenten
Ik pakte mijn momenten op andere tijdstippen. Als één van de kinderen last had van doorkomende tandjes en ’s nachts alleen maar bij papa of mama wilde zijn, legde ik de betreffende zoon op mijn borst, fixeerde mezelf met kussens zodat ik echt geen kant op kon rollen en iedereen sliep weer vrolijk verder. Kind gelukkig, papa gelukkig en mama ook. Toen de kinderen er groot genoeg voor waren, gingen alle verplaatsingen in de draagzak, draagdoek of rugdrager. Vooral de rugdrager was favoriet bij de mannetjes omdat ze dan tenminste een gesprek op niveau konden voeren en op een volwassen hoogte de wereld in konden kijken. Dit was altijd een feest en zoon nummer drie liet dat blijken door de vele schouderklopjes die hij mij gaf. Dit deed hij al als het boertje na de voeding eruit moest en hij persisteert nog altijd in die gewoonte.
 
Grotere kinderen
Nu de kinderen groter zijn, kan ik ook allerlei dingen met ze doen die niet konden toen ze nog heel klein waren. Op een regenachtige middag nestelen we ons in een zee van Lego en bouwen we dat het een lieve lust is. De kinderen kopiëren mijn hobby’s. Ze zingen alles na wat ik als amateur opera- en musicalzanger zing en ze hebben dezelfde voorliefde voor mijn genre computerspelletjes. Onze gedeelde liefde voor taal hebben de kinderen ook meegekregen. Ál die dingen, het zijn er teveel om op te noemen, zijn zó fantastisch dat ik die flesjes geen moment heb gemist. Alle babybadjes, zwembadsessies en binnenspeeltuinklimmomenten hebben mij alle kans gegeven om vader te zijn voor mijn mannen. Dat flesje is echt een bijzaak.